De historische vereniging Oud Leiden houdt zich sinds haar oprichting op 5 november 1902 bezig met de geschiedenis van Leiden.

Historische vereniging Oud Leiden : Home > Vereniging > Statuten
Statuten
Statutenwijziging/240774/jk102stw; KvK datum 23 maart 1998.

Naam en Zetel
Artikel 1.

    De vereniging draagt de naam: Vereniging Oud Leiden.
    Zij is opgericht op vijf november negentienhonderdtwee en gevestigd in Leiden.


Doel.
Artikel 2.


  1. De vereniging heeft ten doel het bevorderen van:

    1. de kennis van en de belangstelling in de geschiedenis van Leiden en omstreken;
    2. het behoud en herstel der aldaar aanwezige monumenten van geschiedenis en kunst;
    3. het behoud van voorwerpen, belangrijk voor de plaatselijke geschiedenis en kunstgeschiedenis, en
    4. al hetgeen daarmee in verband staat, alles in de ruimste zin des woords.
  2. Zij tracht dit doel te bereiken door:

    1. het houden van voordrachten, excursies en tentoonstellingen, het uitgeven van geschriften en het steunen van door anderen ondernomen activiteiten in de geest van de vereniging;
    2. het steunen van pogingen van het gemeentebestuur van Leiden tot het bijeenbrengen van voorwerpen belangrijk voor de geschiedenis van Leiden en omstreken;
    3. het verzamelen van gegevens over in Leiden en omgeving nog aanwezige oude gebouwen en historische voorwerpen;
    4. het in eigendom verwerven van gebouwen of andere onroerende zaken in Leiden en omstreken, welke van belang zijn uit hoofde van kunsthistorische waarde, merkwaardige of geschiedkundige indeling, alsmede van bouwfragmenten, die kunnen dienen bij restauratie van andere gebouwen;
    5. alle andere wettige middelen die aan het doel bevorderlijk zijn.


Lidmaatschap.
Artikel 3.


  1. De vereniging bestaat uit gewone leden, jongere-leden, bedrijf-leden, leden van verdienste en ereleden.
  2. Gewoon lid is de natuurlijke of de rechtspersoon die zich daarvoor bij het bestuur opgeeft en door het bestuur als zodanig tot de vereniging is toegelaten.
    Ingeval van niet-toelating door het bestuur kan de algemene vergadering alsnog tot toelating besluiten.
  3. Jongere-lid is ieder die zich als lid bij het bestuur opgeeft, jonger is dan vijentwintig jaar maar ouder is dan achttien jaar en door het bestuur als zodanig tot de vereniging is toegelaten.
    Ingeval van niet-toelating door het bestuur kan de algemene vergadering alsnog tot toelating besluiten.
  4. Bedrijf-lid is een bedrijf of andere instelling, dat/die zich als zodanig bij het bestuur opgeeft en door het bestuur als zodanig tot de vereniging is toegelaten.
    Ingeval van niet-toelating door het bestuur kan de algemene vergadering alsnog tot toelating besluiten.
  5. Lid van verdienste is ieder die daartoe op voorstel van het bestuur door de algemene vergadering is benoemd wegens zijn verdiensten voor de vereniging.
  6. Erelid is ieder die daartoe op voorstel van het bestuur door de algemene vergadering is benoemd wegens zeer bijzondere verdiensten voor de vereniging of haar doelstellingen.
  7. Naast de hiervoor genoemde leden kent de vereniging aspirant-leden.
    Aspirant-lid is een natuurlijk persoon jonger dan achttien jaar die zich daarvoor bij het bestuur opgeeft.
    Aspirant-leden zijn geen leden in de zin van de wet, doch zij hebben - behoudens dat zij geen stemrecht hebben, niet tot bestuurder kunnen worden benoemd, noch de bevoegdheid hebben als bedoeld in artikel 11 lid 2 - overigens dezelfde rechten en verplichtingen als in de wet en deze statuten aan leden zijn toegekend en opgelegd.
    Aspirant-leden wordt in het jaar dat zij achttien worden aangeboden jongere-lid te worden.
  8. Waar in deze statuten of na te noemen huishoudelijk reglement zonder meer wordt gesproken van "lid" respectievelijk "leden" wordt daaronder verstaan zowel een gewoon lid, jongere-lid, bedrijf-lid, lid van verdienste als erelid, respectievelijk zodanig leden.


Artikel 4.


  1. Het lidmaatschap eindigt:

    1. door de dood van het lid. Is een rechtspersoon lid van de vereniging, dan eindigt haar lidmaatschap wanneer zij ophoudt te bestaan.
    2. door opzegging door het lid;
    3. door opzegging door de vereniging;
    4. door ontzetting.
  2. Opzegging van het lidmaatschap door het lid kan slechts geschieden tegen het einde van een boekjaar, mist schriftelijk en met inachtneming van een opzeggingstermijn van tenminste vier weken.
    Indien een opzegging niet tijdig heeft plaatsgehad, loopt het lidmaatschap door tot het einde van het eerstvolgende boekjaar.
    Niettemin kan een lid met onmiddellijke ingang zijn lidmaatschap opzeggen:

    1. indien redelijkerwijs van het lid niet gevergd kan worden het lidmaatschap te laten voortduren, of
    2. binnen een maand nadat een besluit, waarbij zijn rechten zijn beperkt of zijn verplichtingen zijn verzwaard, hem bekend is geworden of hem is meegedeeld, (behalve indien het betreft wijziging van geldelijke rechten en/of verplichtingen) of
    3. binnen een maand nadat hem een besluit is meegedeeld tot omzetting van de vereniging in een andere rechtsvorm of tot fusie.
  3. Opzegging van het lidmaatschap door de vereniging kan plaatsvinden wanneer een lid zijn verplichtingen jegens de vereniging niet nakomt en voorts wanneer redelijkerwijs van de vereniging niet meer gevergd kan worden het lidmaatschap te laten voortduren.
    De opzegging geschiedt door het bestuur, dat het betrokken lid ten spoedigste van het besluit, schriftelijk, met opgave van redenen in kennis stelt.
    De betrokkene is bevoegd binnen een maand na de ontvangst van de kennisgeving in beroep te gaan bij de algemene vergadering.
    Gedurende de beroepstermijn en hangende het beroep is het lid geschorst.
    Het bestuur is verplicht zorg te dragen dat zo spoedig mogelijk en in elk geval binnen drie maanden na verzending van het beroepschrift zodanige algemene vergadering wordt gehouden.
  4. Ontzetting uit het lidmaatschap kan alleen worden uitgesproken wanneer een lid in strijd met de statuten, reglementen of besluiten der vereniging handelt of wanneer een lid de vereniging op onredelijke wijze benadeelt.
    De ontzetting geschiedt door het bestuur, dat het betrokken lid ten spoedigste schriftelijk van het besluit, met opgave van redenen, in kennis stelt.
    De betrokkene is bevoegd binnen een maand na ontvangst van de kennisgeving in beroep te gaan bij de algemene vergadering.
    Gedurende de beroepstermijn en hangende het beroep is het lid geschorst.
    Het besluit der algemene vergadering tot ontzetting zal moeten worden genomen met een meerderheid van tenminste twee/derde van het aantal uitgebrachte stemmen.
    Het bestuur is verplicht zorg te dragen dat zo spoedig mogelijk en in elk geval binnen drie maanden na verzending van het beroepschrift zodanige algemene vergadering wordt gehouden.
  5. Wanneer het lidmaatschap in de loop van een boekjaar eindigt, blijft desniettemin de jaarlijkse bijdrage voor het gehele boekjaar door het lid verschuldigd.


Geldmiddelen en boekjaar.
Artikel 5.


  1. De inkomsten van de vereniging bestaan - boven en behalve de contributies en bijdragen van de aspirant-leden - uit giften, erfstellingen, legaten, entree's tot te houden tentoonstellingen, opbrengsten van uit te geven werken en andere haar toevallende rechten.
  2. De leden zijn een jaarlijkse contributie verschuldigd ten bedrage als door de algemene vergadering vast te stellen voor de onderscheiden groepen van leden bedoeld in artikel 3, behoudens het hieronder bepaalde.
    Gewone leden tevens natuurlijke personen kunnen in plaats van de jaarlijkse contributie volstaan met een eenmalige betaling van een contributie voor het leven.
    De hoogte van de eenmalige contributie wordt afgeleid uit de eerder genoemde jaarlijkse contributie.
    Voor bedrijf-leden wordt eveneens een minimum-contributie per jaar vastgesteld.
    Aspirant-leden zijn een jaarlijkse bijdrage verschuldigd als door de algemene vergadering vast te stellen.
    Behoudens het geval dat de algemene vergadering uitdrukkelijk bepaalt, dat ook de ere-leden vorengemelde bijdrageplicht hebben, zijn zij daarvan vrijgesteld.
  3. Het boekjaar valt samen met het kalenderjaar.


Bestuur.
Artikel 6.


  1. Het bestuur bestaat uit ten minste zeven personen.
    Lid van het bestuur kunnen slechts worden leden van de vereniging die meerderjarig zijn.
    De voorzitter wordt in funktie gekozen. De andere bestuurders verdelen de overige taken onderling, met dien verstande dat daarbij een hunner tot secretaris en een hunner tot penningmeester wordt aangewezen.
  2. De bestuurders worden door de algemene vergadering uit de leden van de vereniging benoemd.
    De algemene vergadering stelt tevens het aantal bestuurders vast.
  3. De leden van het bestuur kunnen te allen tijde hun funktie neerleggen, mits daarvan schriftelijk aan het bestuur kennisgevende.
    Bestuurders kunnen te allen tijde onder opgaaf van redenen door de algemene vergadering worden geschorst en ontslagen.
    Terzake van schorsing of ontslag besluit de algemene vergadering met een meerderheid van twee/derde van de uitgebrachte stemmen.
  4. Indien ingeval van schorsing van een bestuurder de algemene vergadering niet binnen drie maanden daarna tot zijn ontslag heeft besloten, eindigt de schorsing.
    De geschorste bestuurder wordt in de gelegenheid gesteld zich in de algemene vergadering te verantwoorden en kan zich daarin door een raadsman doen bijstaan.
  5. Bestuurders worden benoemd voor een periode van maximaal vier jaar.
    Onder een jaar wordt ten deze verstaan de periode tussen twee opeenvolgende jaarlijkse algemene vergaderingen.
    De bestuurders treden af volgens een door het bestuur op te maken rooster; een volgens het rooster aftredende bestuurder is onmiddellijk één maal herbenoembaar.
    In bestaande vacatures wordt zo spoedig mogelijk voorzien.
  6. Een niet voltallig bestuur blijft bestuursbevoegd.


Artikel 7.


  1. Het bestuur is belast met het besturen van de vereniging.
  2. Het bestuur is, met inachtneming van het in lid 3 van dit artikel bepaalde, bevoegd te besluiten tot het aangaan van overeenkomsten tot verkrijging, vervreemding en/of bezwaring van registergoederen en tot het aangaan van overeenkomsten, waarbij de vereniging zich als borg of hoofdelijk mede-schuldenaar verbindt, zich voor een derde sterk maakt of zich tot zekerheidstelling voor een schuld van een derde verbindt.
  3. Het bestuur behoeft de goedkeuring van de algemene vergadering voor het aangaan van overeenkomsten, waarbij de vereniging zich als borg of hoofdelijk mede-schuldenaar verbindt, zich voor een derde maakt of zich tot zekerheidstelling voor een schuld van een derde verbindt.


Commissies/correspondenten.
Artikel 8.


    Het bestuur kan zich door commissies en/of correspondenten doen bijstaan.
    De leden van deze commissies, alsmede de correspondenten worden benoemd en kunnen te allen tijde van hun taak worden ontheven door het bestuur, dat tevens het aantal leden van iedere commissie vaststelt.
    Het bestuur stelt de instructie van de commissies en van de correspondenten vast en geeft hun - onverminderd zijn verantwoordelijkheid - de opdrachten als het geraden zal oordelen.


Vertegenwoordiging.
Artikel 9.


  1. Het bestuur is bevoegd tot vertegenwoordiging van de vereniging, zulks wat betreft de handelingen genoemd in artikel 7 lid 3, met inachtneming van het daar bepaalde.
  2. De vertegenwoordigingsbevoegdheid komt mede toe aan de voorzitter tezamen met hetzij de secretaris hetzij de penningmeester, alsmede de secretaris en de penningmeester tezamen.


De algemene vergadering.
Artikel 10.


  1. De algemene vergaderingen worden gehouden in de gemeente Leiden.
  2. Jaarlijks wordt ten minste één algemene vergadering gehouden en wel binnen drie maanden na afloop van het boekjaar, behoudens verlenging van deze termijn door de algemeen vergadering.
    In deze algemene vergadering brengt het bestuur zijn jaarverslag uit over de gang van zaken in de vereniging en over het beleid.
    Het legt de balans en de staat van baten en lasten met een toelichting ter goedkeuring aan de algemene vergadering voor, waaronder begrepen een verantwoording van de met geldelijk beheer belaste commissies.
    De voorgelegde stukken worden ondertekend door alle bestuurders; ontbreekt de ondertekening van een of meer van hen, dan wordt daarvan onder opgaaf van redenen melding gemaakt.
    Na verloop van de in de eerste zin van dit lid genoemde termijn kan ieder lid van de gezamenlijke bestuurders in rechte vorderen dat zij deze verplichtingen nakomen.
    Na goedkeuring van de stukken wordt het bestuur door de vergadering décharge verleend.
  3. Jaarlijks benoemt de algemene vergadering een kascommissie van ten minste twee leden, die geen deel mogen uitmaken van het bestuur.
    Het bestuur doet de in de het vorige lid bedoelde stukken ten minste een maand voor de dag, waarop de algemene vergadering zal worden gehouden waarin deze zullen worden behandeld, toekomen aan de commissie. De commissie onderzoekt deze stukken en brengt aan de algemene vergadering verslag uit van haar bevindingen. Vergt dit onderzoek naar het oordeel der commissie bijzondere boekhoudkundige kennis, dan kan zij zich op kosten van de vereniging door een deskundige doen bijstaan.
  4. Het bestuur is verplicht aan de commissie alle door haar gewenste inlichtingen te verschaffen, haar desgewenst de kas en de waarden te tonen en inzage in de boeken en bescheiden der vereniging te geven.


Artikel 11.


  1. Naast de algemene vergadering bedoeld in het vorige artikel, worden algemene vergadering bijeengeroepen door het bestuur zo dikwijls het dit wenselijk oordeelt.
  2. Op schriftelijk verzoek van tenminste vijfentwintig leden of, zo dit minder is, een zodanig aantal leden als bevoegd is tot het uitbrengen van een/tiende gedeelte van de stemmen in een voltallige algemene vergadering, is het bestuur verplicht tot het bijeenroepen van een algemene vergadering op een termijn van niet langer dan vier weken.
    Indien aan het verzoek binnen veertien dagen geen gevolg wordt gegeven, kunnen de verzoekers zelf tot de bijeenroeping van de algemene vergadering overgaan.
    De verzoekers kunnen alsdan anderen dan de bestuurders belasten met de leiding van de algemene vergadering en het opstellen van de notulen.
    De kosten die door verzoekers worden gemaakt, komen ten laste van de vergadering eb zullen op eerste vordering door de penningmeester worden voldaan.
  3. De bijeenroeping der algemene vergadering geschiedt bij convocatie aan de stemgerechtigden of - indien het bestuur dit nodig acht - bij advertentie te plaatsen in één of meer te Leiden verschijnende dagbladen op een termijn van ten minste veertien dagen, die van de oproeping en van de vergadering niet meegerekend.
    Bij de oproeping gehandeld in strijd met het bepaalde in het vorige lid, kan de algemene vergadering niettemin rechtsgeldig besluiten, tenzij een zodanig aantal der aanwezigen als gerechtigd is tot het uitbrengen van een/tiende gedeelte der stemmen zich daartegen verzet.


Artikel 12.


  1. Toegang tot de algemene vergadering hebben alle leden, voor zover niet geschorst, alsmede degenen, die daartoe door de algemene vergadering zijn uitgenodigd.
    Een geschort lid heeft toegang tot de algemene vergadering waarin het besluit tot schorsing wordt behandeld en is bevoegd daarover het woord te voeren.
  2. Stemgerechtigd in de algemene vergadering zijn alle leden, voor zover niet geschorst. Ieder van hen heeft een stem.
    Van een bedrijf-lid is één vertegenwoordiger of afgevaardigde met één stem.
    Het bestuur houdt een register bij van vertegenwoordigers of afgevaardigden van de leden die stemgerechtigd zijn.
    Stemmen bij schriftelijke volmacht is toegestaan, met dien verstande dat een aanwezige niet meer dan twee stemmen als gevolmachtigde kan uitbrengen.
  3. Een eenstemmig besluit van al degenen, die in de algemene vergadering stemgerechtigd zijn, ook al zijn zij niet in vergadering bijeen, heeft, mits met voorkennis van het bestuur genomen, dezelfde kracht als een besluit van de algemene vergadering.
  4. De voorzitter bepaalt de wijze waarop de stemmingen in de algemene vergadering worden gehouden.
  5. Alle besluiten waaromtrent bij de wet of bij deze statuten geen grotere meerderheid is voorgeschreven, worden genomen bij een meerderheid van de uitgebrachte stemmen.
    Bij staking over zaken is het voorstel verworpen.
    Staken de stemmen bij verkiezing van personen, dan beslist het lot.
    Indien bij verkiezing tussen meer dan twee personen door niemand een meerderheid is verkregen, wordt herstemd tussen de twee personen, die het grootste aantal stemmen kregen, zo nodig na tussenstemming.


Artikel 13.


  1. De algemene vergaderingen worden geleid door de voorzitter of, bij diens afwezigheid, door de in leeftijd oudste aanwezige bestuurder.
    Zijn geen bestuurders aanwezig, dan voorziet de algemene vergadering zelf in haar leiding.
  2. Het door de voorzitter ter vergadering uitgesproken oordeel omtrent de uitslag van een stemming is beslissend.
    Hetzelfde geldt voor de inhoud van een genomen besluit, voorzover werd gestemd over een niet schriftelijk vastgelegd voorstel.
    Wordt onmiddellijk na het uitspreken van het oordeel van de voorzitter de juistheid daarvan betwist, dan vindt een nieuwe stemming plaats, indien de meerderheid der stemgerechtigden of, indien de oorspronkelijke stemming niet hoofdelijk of schriftelijk geschiedde, één stemgerechtigde dit verlangt. Door de nieuwe stemming vervallen de rechtsgevolgen van de oorspronkelijke stemming.
  3. Van het ter algemene vergadering verhandelde worden notulen gehouden door de secretaris of door een door de voorzitter aangewezen persoon.
    Deze notulen worden in dezelfde of in de eerstvolgende algemene vergadering vastgesteld en ten blijke daarvan door de voorzitter en de secretaris van die vergadering ondertekend.


Huishoudelijk Reglement.
Artikel 14.


  1. De algemene vergadering kan een of meer reglementen vaststellen, waarin onderwerpen worden geregeld waarin door deze statuten niet of niet volledig wordt voorzien.
  2. Een reglement mag geen bepalingen bevatten, die strijdig zijn met de wet of met deze statuten.
  3. Op de besluiten tot vaststelling en tot wijziging van een reglement is het bepaalde in artikel 15 leden 1, 2, 3, en 5 van overeenkomstige toepassing.


Statuten wijziging
Artikel 15.


  1. Wijziging van de statuten kan slechts plaats hebben door een besluit van een algemene vergadering, waartoe werd opgeroepen met de mededeling dat aldaar wijziging van de statuten zal worden voorgesteld.
    Deze algemene vergadering zal tenminste vier weken daarvoor worden voorafgegaan door een algemene vergadering waarin wijzigingsvoorstellen worden voorgelegd.
  2. Zij, die de oproeping tot de algemene vergadering ter behandeling van een voorstel tot statutenwijziging hebben gedaan, moeten ten minste tien dagen voor de dag der vergadering een afschrift van dat voorstel, waarin de voorgestelde wijziging woordelijk is opgenomen, aan de leden bekend maken.
  3. Tot wijziging van de statuten kan door de algemene vergadering slechts worden besloten met een meerderheid van ten minste twee/derde van het aantal uitgebrachte stemmen.
  4. De statutenwijziging treedt eerst in werking nadat daarvan een notariële akte is opgemaakt.
  5. Het bepaalde in de leden 1, 2 en 3 van dit artikel is niet van toepassing, indien ter algemene vergadering alle stemgerechtigden aanwezig zijn en het besluit tot statutenwijziging met algemene stemmen wordt genomen.
  6. De bestuurders zijn verplicht een authentiek afschrift van de akte van statutenwijziging en een volledige doorlopende tekst van de statuten, zoals deze na de wijziging luiden, neer te leggen ten kantore van het door de Kamer van Koophandel en Fabrieken gehouden register.


Ontbinding en Vereffening.
Artikel 16.


  1. Het bepaalde in artikel 15 leden 1, 2, 3 en 5 is van overeenkomstige toepassing op een besluit van de algemene vergadering tot ontbinding van de vereniging.
  2. Aan hetgeen bij vereffening der bezittingen over blijft, wordt door de algemene vergadering bij het in het vorige lid bedoelde besluit een bestemming gegeven zoveel mogelijk overeenkomende met het doel de vereniging aangewend ten behoeve van een of meer instellingen van algemeen nut, met dien verstande dat het archief in eigendom zal worden overgedragen aan het gemeente-archief van de Gemeente Leiden dan wel een eventueel voor bedoeld gemeente-archief in de plaats gekomen instantie of instelling.
  3. Tenzij de algemene vergadering anders besluit, geschiedt de vereffening door het bestuur.
  4. Na de ontbinding blijft de vereniging voortbestaan voor zover dit tot vereffening van haar vermogen nodig is.
    Gedurende de vereffening blijven de bepalingen van de statuten voor zoveel mogelijk van kracht.
    In stukken en aankondigingen die van de vereniging uitgaan, moeten aan haar naam worden toegevoegd de woorden "in liquidatie".
  5. De boeken en bescheiden van de vereniging moeten worden bewaard gedurende tien jaren na afloop van de vereffening.